• fitscore

GOFIT-21 | DAY 7 - Plaatselijk afvallen: feit of fabel?

Wanneer je leeft, eet en beweegt zet het lichaam koolhydraten en vetten uit de voeding om in energie. Alles wat het lichaam niet nodig heeft om van te kunnen leven wordt opgeslagen in de vorm van vet. Wanneer je traint of gaat diëten spreekt het lichaam eerste de beschikbare koolhydraten aan als brandstof. Pas daarna schakelt het lichaam om naar het verbranden van eventuele vetreserves. Om daadwerkelijk vet te kunnen verbranden moet je dus ofwel langere tijd trainen of minder en gezonder eten.


Een populaire misvatting is dat je plaatselijk kunt afvallen. Zo denken veel mensen dat je door middel van buikspiertraining buikvet kunt verliezen. Jammer genoeg werkt het lichaam niet zo. Om vet te verliezen op die vervelende plekken zul je over je hele lichaam moeten afvallen. Jij kunt niet voor je lichaam bepalen waar het haar vet kwijt raakt. De een slaat meer vet op bij zijn heupen, de ander bij zijn buik, de ander in zijn gezicht. Dit maakt het lastiger om lokaal vet te verliezen op diezelfde plekken.


Ondanks dat de media je dus graag anders doen geloven, kun je niet plaatselijk vet verbranden. De sleutel tot gewichtsafname is een negatieve energiebalans. Dit betekent in de praktijk minder energie binnen krijgen en meer energie verbranden. Kortom: minder eten en meer bewegen!


Op welke manier verbrand je het meeste vet?


In rust leveren vrije vetzuren ongeveer 90 procent van de benodigde energie. De rest halen we uit koolhydraten. Wanneer je je inspant, stijgt de energiebehoefte van het lichaam. Je gaat dan in verhouding meer koolhydraten gebruiken, maar de hoeveelheid vet die je verbrandt stijgt nog wel. Bij een bepaalde intensiteit, oftewel de zwaarte van je training, kan de vetverbranding de energiebehoefte niet meer bijhouden. Daarna verbrandt het lichaam alleen nog maar koolhydraten.


Veel mensen denken dat een cardiotraining op lage intensiteit de beste manier is om vet te verliezen. Het omslagpunt tussen vet- en koolhydraatverbranding verschilt echter veel tussen mensen. Daarnaast is gebleken dat wanneer je regelmatig zeer intensief traint, je ook meer vet verbrandt als je minder zwaar traint. Een pittige cardio- of intervaltraining zorgt niet zo zeer voor een hoog calorieverbruik tijdens de training, maar verhoogt ook vooral de vetverbranding na de training. Uiteindelijk verbrand je dus meer vet.


Een krachttraining is te intensief om vetten te verbranden. Maar ook voor krachttraining geldt dat het de vetverbranding na de training stimuleert. Dit effect kan tot wel twee dagen aanhouden. Op langere termijn neemt ook de hoeveelheid spiermassa toe. Spieren verbranden meer calorieën, dus de ruststofwisseling neemt toe.


101 views0 comments

Recent Posts

See All